Voor Lubbinge is er nog veel te halen

Voor Lubbinge is er nog veel te halen

Als derde kwam ze in Usquert over de streep op 13 september vorig jaar, achter Evy Kuijpers en Ashlynn van Baarle. Toch mocht ze haar handen in de lucht steken, want met die klassering was Leonie Lubbinge de allereerste winnares van de KNWU Clubcompetitie bij de vrouwen.In een geslaagde eerste editie, waarin Leonie in vrijwel alle wedstrijden heel goed en constant presteerde, noemt ze het een echte teamprestatie dat ze uiteindelijk de eindwinst mee naar huis mocht nemen.  

Tekst: Jeanine Laudy, Foto: Rudie Ottens

Leonie Lubbinge, is dat niet die schaatsster? Ja, Leonie staat ook veel op de schaats, maar “tot vorig seizoen zag ik mezelf nog als fietsende schaatsster, nu niet meer.” Ze beschouwt zichzelf nu vooral als een sporter die van twee sporten geniet: het marathonschaatsen en het wielrennen. Beide sporten zijn op dit moment even belangrijk voor haar. “Het is een voordeel dat het marathonschaatsseizoen niet zo lang doorgaat, daardoor kan ik nog rust pakken tussen het schaats- en wielerseizoen.”  Fietsen is een sport waar Leonie altijd al naar toetrok, ook toen ze nog primair schaatsster was. Ter ondersteuning van haar schaatstraining pakte ze liever de racefiets dan de skeelers. “Bij mijn schaatsclub STGiethoorn, waar ik vaak trainde met de ‘oudere’ mannen van de club, vroegen ze me ook regelmatig of wielerwedstrijden niet wat voor mij zouden zijn. Het leek me ook wel wat, maar eigenlijk kwam het er gewoon nooit van.” Totdat Leonie haar huidige vriend leerde kennen, die alwedstrijden reed. “Hij nam me mee naar het baantje in Groningen. Vanaf toen was ik verkocht! Dat is nu ongeveer drie jaar geleden.” 

 


Met dank aan WV de Kannibaal

Leonie kwam erachter dat fietsen haar zelfs nog wat gemakkelijker afgaat dan schaatsen. “Waar ik op de fiets bijvoorbeeld goed kan sprinten, lukt me dat op het ijs minder goed - daar komt er ook een stukje techniek bij kijken. Op de fiets kan ik mijn kracht wat beter kwijt.” En dat kwam van pas in de eerste editie van de Clubcompetitie. Niet dat ze zich van tevoren al een favorietenrol had toegedicht. “Ik had natuurlijk wel gehoopt om voor de winst mee te kunnen doen, maar doordat er twee wedstrijden afvielen en ik ook nog een weekend moest missen door een bruiloft in het buitenland, was ik bang dat ik tekort zou komen.” Niks was minder waar. Door in alle wedstrijden waar ze startte kort te eindigen en de Tweedaagse Peize & Nieuw-Roden te winnen, pakte ze de eindwinst. “Zeker tegen het einde van de competitie werd dit ook echt een teamprestatie, de meiden van mijn ploeg WV de Kannibaal hielden me uit de wind, trokken de sprint voor me aan en hielpen me waar mogelijk.”Het is moeilijk de prestatie die ze afgelopen jaar in de Clubcompetitie behaalde te evenaren, maar Leonie hoopt wel opnieuw te kunnen scoren in die competitie. Het is naar haar idee een goede ontwikkeling dat er dit jaar meer variatie in de wedstrijden zit. “Zo heb je dit jaar een goede mix van klassiekers, (klim)criteriums, tijdritten en een- en meerdaagses.” Voor eliterensters zonder contract is het een leuke manier om wedstrijden te rijden op hun eigen niveau. “Wat ik ook zeker een goede ontwikkeling vind, is de rood-wit-blauwe trui voor beste eliterenster zonder contract bij het NK. Wellicht is het ook een idee om, net als bij de Topcompetitie van de mannen, een contract bij een profteam te kunnen verdienen bij eindwinst in de Clubcompetitie. Of dat je juist eens naar een wedstrijd een nationale selectie van clubrensters meeneemt, in plaats van de topsportselectie, zodat zij wedstrijden kunnen rijden die je als clubteam niet zo (snel) rijdt.”

Afwisseling alom

Leonie combineert de schaats- en wielersport met een baan als sportdiëtiste bij Adviesbureau Voeding en Sport (AVS) in Groningen. “Dat doe ik zo’n 15 tot 20 uur per week. Daarnaast werk ik nog 8 uur in de week als secretaresse bij Ziuz, onze sponsor van het marathonschaatsteam.” Afwisseling is iets wat Leonie duidelijk opzoekt, zowel met haar twee banen als in haar baan als sportdiëtiste, waar ze niet alleen sporters begeleidt, maar ook diabetici, zwangere vrouwen, mensen met maag-darmklachten en mensen die willen aankomen of afvallen. In de sport is die afwisseling eveneens terug te vinden, maar Leonie is zich ervan bewust dat dat alleen kan als ze alles in balans weet te houden. “Ik heb geleerd mijn rust te pakken. Niet alleen tussen de seizoenen in, maar ook tijdens hetseizoen.”

Na een winterseizoen op de schaats, waarbij ze onder andere 18e werd bij de Alternatieve Elfstedentocht op de Weissensee, denkt ze nu langzaam alweer aan het wielerseizoen. “Op de fiets is er voor mij nog wat meer 'te halen' dan op de schaats. Schaatsen doe ik al bijna mijn hele leven en de stappen die ik daarin nog kan maken zijn klein. Wielrennen doe ik nog maar drie jaar en daarin is nog veel te leren en winst te behalen.” Daarom heeft Leonie naast opnieuw een goede Clubcompetitie rijden nog wel wat andere doelen en wensen. “Ik wil in de TopCompetitie en vrije klassiekers graag goede, actieve wedstrijden rijden en kort finishen. Meerdaagse wedstrijden vind ik ook prachtig om te rijden.” En dan niet altijd maar een klassement hoeven te verdedigen, ze wil graag actief rijden. “Juist aanvallen is iets wat ik heel mooi vind. Ik vond het maar wát lastig om me in te houden en te wachten op de sprint in die laatste Clubcompetitiewedstrijd in Usquert!” Maar het schaatsvirus haal je niet zosnel uit een schaatsster, dus ook op dat vlak heeft Leonie nog één groot doel voor ogen.  “Ik hoop nog altijd op de tocht der tochten!”

De Centric Clubcompetitie bestaat dit jaar uit negen wedstrijden en start met de GP Toyota Mengelers in Bocholtz op 1 mei. 

In de Centric TopCompetitie worden in 2016 vijf wedstrijden verreden, waarvan de eerste de Drentse 
Acht van Westerveld op 13 maart is.